DR Congo - Versterking lager onderwijs en technisch landbouwonderwijs
Locatie: Nationaal en vanaf 2011 ook pilootwerking in de provincie Bandundu (Kikwit)
Uitvoering: 2008 - 2013
Budget: Totaal 2008 - 2013: €4.263.170 (gerealiseerd 2008 - 2010: €1.394.066 – gepland 2011 - 2013: €2.869.104)
Sleutelthema's: Lagere scholen, Landbouwonderwijs, Inspectie, Vorming

Context
Het onderwijssysteem in de DR Congo is zwak: er is een gebrek aan onderwijzers, het beroep van onderwijzer is ondergewaardeerd en onderbetaald, en er is een tekort aan didactisch materiaal en aangepaste leermethodes. Het budget van het ministerie van Onderwijs is te beperkt om de scholen financieel bij te staan. Hierdoor komt de werking van de scholen grotendeels ten laste van de ouders. Toch maakt de Congolese overheid vordering in het onderwijs. Zo is sinds 2010 het lager onderwijs gratis, met uitzondering van de steden Kinshasa en Lubumbashi. Sinds dan zijn er ook plannen om de lonen van de leerkrachten te verhogen. Het ministerie rekent op de internationale gemeenschap om het budgettekort te dichten dat hierdoor zal ontstaan.
Naast het financieringstekort is er ook een duidelijke nood aan permanente vorming en omkadering van de schooldirecties en de leerkrachten. Het ministerie werkte een vijfjarige strategie uit waarin de continue vorming van het onderwijzende personeel een belangrijke plaats heeft.
Doelstelling van het programma

Het programma draagt bij tot de verbetering van de kwaliteit van het lager onderwijs en van het middelbaar technisch landbouwonderwijs in de DR Congo (vanaf 2012 ook het middelbaar beroepslandbouwonderwijs). Het heeft hierbij een tweeledige doelstelling:
- Het wil een goede werking verzekeren van ‘de basiscellen’ (zie onder) als kleine vormingscentra in de lagere scholen en in het landbouwonderwijs. Aan deze doelstelling werkt het programma in de onderwijsprovincie Bandundu 2. Enerzijds zorgen inspecteurs voor vorming en begeleiding van reeds tewerkgestelde leerkrachten. Anderzijds wordt in de opleiding van de leerkrachten in spé een module geïntroduceerd rond ‘de basiscellen’.
- Het programma wil ervoor zorgen dat studenten van het technisch landbouwonderwijs een competentiegerichte opleiding krijgen. Doel is dat ze bij het afstuderen in staat zijn om hun beroep uit te oefenen als agronoom A2. Vanaf 2012 wil het programma op basis van het A3-niveau ervoor zorgen dat men opnieuw secundair beroepslandbouwonderwijs aanbiedt.
Partners
Om deze doelstelling te bereiken werken we samen met het Ministère de l’Enseignement Primaire, Secondaire et Professionnel, onze strategische partner; en met de Inspection Générale de l’Enseignement Primaire, Secondaire et Professionnel (op nationaal en op provinciaal niveau) en met de Direction des Programmes Scolaires et Matériel Didactique (DIPROMAD), onze operationele partners.
Activiteiten

Landbouwonderwijs
Om het landbouwonderwijs te versterken ondersteunt VVOB de Direction des programmes et matériel didactique (DIPROMAD). Samen nemen we de afstudeeropties binnen het landbouwonderwijs (op A2- en A3-niveau) onder handen.
Bijscholing leerkrachten
VVOB steunt het Service national de formation (SERNAFOR) van de onderwijsinspectie in de vorming van het onderwijzend personeel van zowel het basisonderwijs als van de landbouwscholen. Centraal in de permanente vorming staan ‘de basiscellen’. Dit zijn overlegorganen waarin men door middel van uitwisseling aan zelfvorming en zelfevaluatie doet. Men gebruikt er ook het didactisch materiaal dat SERNAFOR bezorgt aan de school. Daarnaast overlegt SERNAFOR ook met andere vormingsdiensten en -actoren in het onderwijsmilieu.
Onderwijsinspectie
Ten derde ondersteunt VVOB de Controledienst van de inspectie-generaal. Op die manier verbetert VVOB de externe controle op de werking van de scholen. Er is een reflectiegroep om de inspectie organisatorisch en institutioneel te versterken. Binnen deze reflectiegroep helpt VVOB de inspectie met het ontwikkelen van controlefiches. VVOB ondersteunt hen ook bij het gebruik van de inspectierapporten. Dit moet een betere opvolging toelaten van het beheer van de scholen en de lessen in de klassen. Er zijn ook regelmatig overlegbijeenkomst tussen de diensten Vorming en Controle van de inspectie.
Leerlingevaluatie
Tot slot versterkt VVOB de Service de Concours et Evaluations bij de aanpassing van de schoolevaluaties en staatexamens om de leerlingen beter te kunnen evalueren.
Enkele reeds behaalde resultaten

- De eerste noties van competentiegericht opleiden zijn gekend bij het merendeel van de scholen. 45% van de examenvragen zijn in lijn met de inhoud van het schoolcurriculum maar nog niet in lijn met het competentiegericht opleiden.
- Tien inspectiefiches zijn herzien, twee nieuwe fiches zijn gecreëerd en er is een gebruiksaanwijzing opgesteld voor het gebruik van deze fiches (beschikbaar online op www.cd.refer.org/inspection). Er zijn hiervan 415 exemplaren gebruikt door inspecteurs te velde in zeven onderwijsprovincies. 164 geaggregeerde rapporten zijn naar de nationale inspectiedienst doorgestuurd.
- Alle inspecteurs te velde zijn gevormd met betrekking tot het landbouwonderwijs.
- Er zijn 33 verschillende didactische materialen ontwikkeld en verdeeld.
- De landbouwscholen hebben een basis aan didactisch materiaal. Zo beschikken bijvoorbeeld 29 pilootscholen over een handleiding over het ondernemerschap.
- De tien landbouwafstudeerrichtingen zijn op basis van een analyse van de behoeftes op de arbeidsmarkt gerationaliseerd tot zes afstudeerrichtingen. Deze richtingen zijn vanaf het schooljaar 2010-2011 voor het eerst aangeboden (in het derde middelbaar).
- Binnen het landbouwonderwijs zijn de schoolprogramma’s geactualiseerd en zijn beschikbaar voor alle 1250 landbouwscholen.
- Er zijn twaalf afleveringen van een radioprogramma ontwikkeld en uitgezonden.
- Meer dan 700 examens van leerlingen werden geanalyseerd en geëvalueerd. De cyclus van het leren uit deze examens, om het jaar nadien gerichte vormingen aan te bieden aan scholen die ondermaats scoren, begint zich te sluiten.
Links

(application/pdf | 1.46 MB)



